Voor een sociale onderneming kies je in Nederland een bestaande rechtsvorm. Een stichting, bv of coöperatie kan passend zijn, maar ook een eenmanszaak of vof is mogelijk. De juiste keuze hangt af van wie beslist, hoe je geld aantrekt, wie financieel risico draagt en wat er met winst gebeurt.

Begin daarom met de afspraken die je wilt maken. Moet het vermogen bij de maatschappelijke doelstelling blijven? Wil een investeerder aandelen? Of willen deelnemers gezamenlijk beslissen? Hieronder vergelijk je de mogelijkheden en werk je toe naar een concrete opdracht voor de notaris of adviseur. Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026.

Is de maatschappelijke bv al beschikbaar?

De maatschappelijke bv, meestal afgekort tot BVm, is op de controledatum nog een voorgenomen wettelijke status. RVO vermeldt dat de ingangsdatum onbekend is. Het plan betreft een status voor een bv met een maatschappelijk doel; het is geen nieuwe rechtsvorm naast de bv. Ook de Wetgevingskalender vermeldt het traject nog als in voorbereiding.

Behandel voorwaarden uit de wetgevingsaanzet daarom niet als geldende eisen waaraan je je nu als BVm kunt laten inschrijven. Je kunt met de bestaande rechtsvormen al een maatschappelijke onderneming opzetten en afspraken over de missie laten vastleggen. Controleer de actuele stand van de BVm opnieuw wanneer je opricht of je statuten wijzigt.

De aanduiding ‘sociale onderneming’ beschrijft de bedoeling en werkwijze van je bedrijf. De rechtsvorm bepaalt hoe het juridisch is georganiseerd. Welke keuzes bij die maatschappelijke bedoeling horen, lees je bij sociaal ondernemen.

Welke rechtsvorm past bij je organisatie?

Vergelijk de vormen eerst op eigendom, zeggenschap en geld. Een sociaal doel maakt een stichting niet automatisch geschikt en een bv niet automatisch ongeschikt. Onderstaand overzicht helpt je een eerste selectie te maken; de statuten, overeenkomsten en feitelijke inrichting bepalen de verdere uitwerking.

Rechtsvorm Zeggenschap en geld Belangrijke afweging
Stichting Een bestuur leidt de organisatie. Er zijn geen leden of aandeelhouders. Winst maken kan, maar de winst dient het doel van de stichting; zij wordt niet als winst aan bestuurders uitgekeerd. Past de bedoeling om middelen aan het doel te verbinden bij de verwachtingen van oprichters en financiers?
Bv De aandeelhouders zijn eigenaar; het bestuur leidt de onderneming. Winstuitkering aan aandeelhouders is mogelijk binnen de geldende regels. Hoe verbind je de rechten van oprichters en investeerders aan de maatschappelijke missie?
Coöperatie De organisatie heeft leden en een bestuur. Leden beslissen in de algemene ledenvergadering over belangrijke onderwerpen. Winstuitkering aan leden is mogelijk. Wie worden lid, welk gezamenlijk belang dienen jullie en hoe regelen jullie toetreding, vertrek en besluitvorming?
Eenmanszaak Je bent de enige eigenaar en draagt persoonlijk verantwoordelijkheid voor de onderneming. Personeel aannemen kan wel. Past de persoonlijke aansprakelijkheid bij de verplichtingen die je aangaat? En hoe afhankelijk blijft de missie van jou?
Vof Minimaal twee vennoten ondernemen samen en maken afspraken over onder meer inbreng, bevoegdheden en winstverdeling. Iedere vennoot is aansprakelijk voor de volledige zakelijke schuld, ook als een andere vennoot die heeft veroorzaakt.

Een bv, stichting en coöperatie hebben rechtspersoonlijkheid. Dat betekent dat de organisatie zelf rechten en verplichtingen heeft. Bestuurders zijn doorgaans niet persoonlijk aansprakelijk, maar er bestaan uitzonderingen, bijvoorbeeld bij onbehoorlijk bestuur. Bij een bv kan een persoonlijke borgstelling voor een financiering daarnaast privé-risico opleveren.

Bij een coöperatie moet je ook de aansprakelijkheid van de leden regelen. Die kan worden uitgesloten (UA), beperkt (BA) of volgens de wettelijke regeling gelden (WA). Verwar dit niet met de positie van bestuurders. Vraag bij het ontwerp van de structuur steeds wie welke verplichting aangaat en welk vermogen daarvoor kan worden aangesproken.

Voor een eenmanszaak is geen notariële oprichtingsakte nodig. Ook een vof kan zonder notaris worden opgericht. Voor een bv, stichting of coöperatie ga je wel naar de notaris. Minder oprichtingsformaliteiten betekenen op zichzelf niet dat een vorm bij je risico’s of samenwerking past.

Maak financiering en winstbestemming concreet

Schrijf bij iedere beoogde financier op wat die terugverwacht. Een donateur, subsidieverstrekker, geldverstrekker en aandeelhouder nemen verschillende posities in. Vraag dus niet alleen hoeveel geld iemand wil geven, maar ook of het terugbetaald moet worden, welke invloed die partij verlangt en wanneer zij haar betrokkenheid wil kunnen beëindigen.

Een stichting heeft geen aandelen om aan een investeerder uit te geven. Dat sluit financiering niet uit: denk aan donaties, subsidies, inkomsten uit verkoop en eventueel een lening. Een financier die mede-eigenaar wil worden en later aandelen wil verkopen, vraagt echter om een andere route. Bij een bv kun je de komst van een aandeelhouder onderzoeken; bespreek direct welke zeggenschap en winstverwachtingen daarbij horen.

Controleer subsidie- en fondsvoorwaarden per regeling. Sommige bijdragen zijn bedoeld voor een bepaalde rechtsvorm of activiteit. Een stichting oprichten geeft geen automatische toegang tot geld, en een bv is niet bij voorbaat van iedere bijdrage uitgesloten. Vraag de beoogde verstrekker welke aanvrager en welke activiteiten in aanmerking komen voordat je de structuur daarop bouwt.

Maak ook onderscheid tussen beloning voor werk en uitkering van winst. Een stichting kan personeel hebben; dat is iets anders dan winst aan bestuurders uitdelen. Werk bij iedere vorm uit hoe de oprichter wordt betaald, welke middelen nodig blijven voor de bedrijfsvoering en welke ruimte er is voor de maatschappelijke activiteit. Laat de juridische en fiscale gevolgen van die beloning afzonderlijk beoordelen.

Een stichting is bovendien niet automatisch vrijgesteld van belasting. Btw en vennootschapsbelasting kunnen aan de orde zijn, afhankelijk van de activiteiten en omstandigheden. De ANBI-status kent weer eigen voorwaarden. Neem dus geen belastingvoordeel in je plan op alleen omdat je doel maatschappelijk is.

Fictief voorbeeld: dezelfde dienst, drie verschillende structuren

Drie initiatiefnemers willen maaltijden bezorgen en daarmee betaald werk organiseren voor mensen die extra begeleiding nodig hebben. De maatschappelijke activiteit is in de onderstaande varianten gelijk. Wat verandert, is wie de organisatie wil dragen en welke financiële afspraken nodig zijn. Dit is een fictief keuzevoorbeeld, geen advies dat iedere maaltijdendienst deze route moet volgen.

Wat willen de initiatiefnemers? Welke route onderzoeken zij? Welke vraag moet eerst worden opgelost?
Zij willen middelen blijvend voor het doel gebruiken en geen persoonlijk eigendom opbouwen. Een fonds wil een startbijdrage bespreken. Een stichting, met een bestuur dat het doel en de bedrijfsvoering kan dragen. Accepteert het fonds de activiteiten en de aanvrager? Hoe worden bestuur, toezicht en de beloning voor uitvoerend werk ingericht?
Zij willen de onderneming zelf bezitten. Een investeerder wil geld inbrengen in ruil voor aandelen. Een bv, met afspraken over de maatschappelijke missie en de rechten van aandeelhouders. Wat gebeurt er als de investeerder later meer winstuitkering of verkoop van het bedrijf wil, terwijl begeleiding extra middelen vraagt?
Zelfstandige maaltijdmakers willen gezamenlijk aanbieden, kosten delen en als leden invloed houden. Een coöperatie die de samenwerking organiseert. Wie mag lid worden, welke bijdragen en verplichtingen gelden en hoe wegen leden het gezamenlijke doel tegen hun eigen inkomen af?

De uitkomst volgt hier niet uit het woord ‘sociaal’. In de tweede variant zou een stichting botsen met het verlangen naar persoonlijk aandelenbezit. In de derde variant moeten de initiatiefnemers bereid zijn zeggenschap te delen. En in de eerste variant bewijst een vriendelijke reactie van een fonds nog niet dat een bijdrage wordt toegekend.

Laat betrokkenen hun verwachtingen daarom vóór de oprichting naast elkaar leggen. Als de één denkt een verkoopbaar bedrijf op te bouwen en de ander denkt dat het vermogen voorgoed aan het doel wordt verbonden, moet dat verschil eerst worden opgelost. Een juridische akte kan een gemaakte keuze vastleggen; zij kan die ontbrekende overeenstemming niet vervangen.

Bescherm de missie ook bij nieuwe eigenaren of bestuurders

Een missie in het ondernemingsplan is een begin. Onderzoek daarna wie haar kan wijzigen, wie besluiten kan tegenhouden en hoe het doel wordt bewaakt wanneer de oprichters vertrekken. De antwoorden moeten passen bij de gekozen rechtsvorm en bij de documenten waarmee je werkt.

Neem bijvoorbeeld deze vragen mee naar de notaris:

  • Wie beslist over wijziging van het doel en welke goedkeuring is daarvoor nodig?
  • Wie beslist over winstbestemming, grote investeringen en de komst van een financier?
  • Welke invloed krijgen medewerkers, gebruikers of andere betrokkenen, en is dat advies of echte beslissingsbevoegdheid?
  • Wat gebeurt er bij vertrek, verkoop, overlijden of een blijvend meningsverschil tussen oprichters?
  • Wie controleert of besluiten bij het doel passen en wat kan die persoon of dat orgaan vervolgens doen?

Bij een bv kunnen naast statuten aanvullende afspraken tussen aandeelhouders relevant zijn. Bij een coöperatie vraagt de verhouding tussen leden en bestuur uitwerking. Bij een stichting zijn onder meer bestuursopvolging en eventueel toezicht belangrijk. Vraag niet alleen waar een afspraak wordt opgeschreven, maar ook tegenover wie zij werkt en hoe zij later kan worden gewijzigd. Een algemene belofte dat ‘impact altijd vooropstaat’ geeft daar nog geen antwoord op.

Wanneer een stichting naast een bv onderzoeken?

Een combinatie kan passend zijn wanneer de onderdelen ieder een duidelijke functie hebben. Een stichting kan bijvoorbeeld aandelen in een bv houden. De inrichting moet dan verduidelijken wie het ondernemingsbestuur benoemt, hoe de stichting haar doel bewaakt en hoe geld tussen de onderdelen beweegt.

Teken zo’n structuur eerst uit met vier vragen: wie sluit klantcontracten, wie is werkgever, wie ontvangt financiering en wie beslist over de winst? Begroot daarna de administratie en het bestuur van beide organisaties. Een extra rechtspersoon is pas nuttig als zij een concreet vraagstuk oplost. Alleen ‘dat staat maatschappelijker’ is geen uitgewerkt ontwerp.

Leg je keuze vast voordat je laat oprichten

Maak met de medeoprichters een korte beslisnotitie. Noteer de beoogde activiteit, de eigenaren of leden, de zeggenschap, de financieringsvoorwaarden en de gewenste winstbestemming. Voeg de belangrijkste risico’s en een begroting van oprichting en jaarlijks beheer toe. Schrijf ook op welke andere rechtsvorm je hebt overwogen en waarom die minder goed past.

Laat vervolgens de open juridische vragen vertalen naar statuten en overeenkomsten, en laat een fiscaal adviseur de belastinggevolgen toetsen aan je werkelijke activiteiten. Vraag om een uitleg van de gevolgen bij een tegenvaller: een vertrekker, een onbetaalde lening of een financier die invloed wil. Daarmee wordt duidelijker of de voorgestelde structuur ook buiten het optimistische startplan werkt.

Heb je al een onderneming, laat dan eerst onderzoeken of je de bestaande inrichting kunt aanpassen. Een nieuwe missie vraagt niet vanzelf om een nieuwe rechtspersoon. Bij een verandering van structuur moet je wel de gevolgen voor bestaande contracten, financiering en personeel meenemen. De bredere voorbereiding van een nieuwe onderneming staat bij een sociale onderneming starten.

Veelgestelde vragen

Is een stichting automatisch een ANBI?

Nee. ANBI is een fiscale status met afzonderlijke voorwaarden. De Belastingdienst kijkt onder meer naar het algemeen nut, de activiteiten, de zeggenschap over het vermogen, vergoedingen en publicatie. Een maatschappelijke doelomschrijving of inschrijving als stichting volstaat daarvoor niet.

Is B Corp een rechtsvorm die ik bij KVK kies?

Nee. B Corp is certificering van B Lab. Je onderneming houdt haar eigen rechtsvorm. Certificering kan wel eisen stellen aan de juridische inrichting: B Lab verlangt bij Nederlandse bv’s specifieke bepalingen in de bestuursdocumenten. Houd de keuze voor certificering daarom apart van de rechtsvormkeuze en beoordeel welke aanpassingen nodig zijn.

Kan een sociale onderneming een eenmanszaak zijn en personeel aannemen?

Ja. Eenmanszaak betekent dat er één eigenaar is; er kunnen wel werknemers in dienst zijn. De maatschappelijke bedoeling verandert je persoonlijke aansprakelijkheid niet. Onderzoek bij uitbreiding of de verplichtingen, financiering en gewenste continuïteit nog bij deze vorm passen.

Bronnen en controle

Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026 aan de hand van onderstaande bronnen. Regels en informatie kunnen veranderen.

Bekijk de bronnen (15)