Bijna zeshonderdduizend mensen in Nederland leven van een inkomen uit werk dat onder of net boven de armoedegrens ligt. Veel van hen maken geen gebruik van regelingen waar ze recht op hebben. Met de campagne Laat geen geld liggen richten het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Geldfit zich nu ook op werknemers, en ze doen dat samen met werkgevers, meldt Salaris Vanmorgen. Wat kun jij als werkgever doen?
Waarom dit jouw zaak is
Werkenden met een laag inkomen hebben meestal weinig of geen spaargeld. Een kapotte wasmachine is dan genoeg om in de problemen te komen. Financiële stress werkt door op het werk. Medewerkers functioneren slechter of vallen uit. En als het misgaat, krijg je als werkgever te maken met loonbeslag. Dat kan een werkgever volgens een berekening van het Nibud 13.000 euro per jaar per medewerker kosten.
Dat bedrag maakt het een gewone bedrijfsafweging. Een medewerker die hoort dat hij recht heeft op een toeslag of een vergoeding voor schoolkosten, kan net rondkomen. Dat is goedkoper dan een loonbeslag of een vertrek.
Wat de campagne biedt
De campagne draait om twee hulpmiddelen van Geldfit. Met de potjes-check zien medewerkers na een paar vragen voor welke landelijke en lokale regelingen ze mogelijk in aanmerking komen, en waar ze hulp kunnen krijgen bij het aanvragen. De WerkUrenBerekenaar laat zien wat het oplevert om meer uren te werken. Dat laatste is voor werkgevers interessant, want het antwoord valt niet altijd mee. Wie meer uren gaat werken, verliest soms een deel van zijn toeslagen.
Werkgevers kunnen een gratis actiepakket bestellen met posters, flyers, stickers en digitale uitingen. Het materiaal is te downloaden in het Nederlands, Engels, Arabisch en Turks. Dat maakt het bruikbaar in bedrijven waar niet iedereen even goed Nederlands leest.
Wat je concreet doet
Hang de posters niet alleen in de kantine. Mensen die het moeilijk hebben, schamen zich vaak, en een poster naast de koffieautomaat leest niemand als er collega’s bij staan. Een kleine plek in de kleedruimte, het toilet of bij de prikklok werkt vaak beter. Zet de link naar de potjes-check ook in je personeelsnieuwsbrief of in de app waarin je roosters deelt.
Gebruik de WerkUrenBerekenaar in gesprekken over contracturen. Vraagt een medewerker om meer uren, of bied jij die aan, laat hem dan zelf uitrekenen wat dat netto betekent. Dat voorkomt teleurstelling achteraf en het laat zien dat je verder kijkt dan het rooster.
Let op signalen. Een medewerker die vraagt om een voorschot, steeds extra diensten wil of plotseling vaker verzuimt, kan met geldzorgen zitten. Een rustig gesprek waarin je wijst op de potjes-check of op schuldhulp bij de gemeente, is vaak genoeg om iemand op weg te helpen. Je hoeft geen schuldhulpverlener te zijn. Je hoeft alleen te weten waar de hulp zit.
Dit past in een breder beeld van wat werkgevers kunnen doen voor medewerkers die het zwaar hebben. Wie bijvoorbeeld mensen aanneemt met een afstand tot de arbeidsmarkt, heeft vaak ook medewerkers die net boven het minimum verdienen en die van toeslagen afhankelijk zijn. Het actiepakket is te bestellen via Geldfit. Het kost niets, en het kan een medewerker meer opleveren dan een loonsverhoging.