Wil je je omscholen tot leraar, kies dan eerst waar je wilt lesgeven: op een basisschool, in een vak op de middelbare school of binnen een beroepsopleiding in het mbo. Je vooropleiding en ervaring bepalen vervolgens welke routes je kunt onderzoeken. Een hbo-diploma kan een ingang zijn voor zij-instroom, maar geeft je op zichzelf nog geen onderwijsbevoegdheid.
Vergelijk daarom drie zaken afzonderlijk: het bewijs dat je moet halen, de manier waarop je tijdens het leren voor de klas staat en de afspraken over inkomen en kosten. ‘Betaald leren’ of ‘een verkort traject’ zegt daar nog onvoldoende over. Deze gids helpt je de passende route met een opleiding en school te bespreken.
Begin bij de sector en het onderwijs dat je wilt geven
Een groep basisschoolleerlingen begeleiden vraagt iets anders dan een schoolvak verzorgen of studenten voorbereiden op een beroep. Onderzoek het dagelijkse werk voordat je opleidingen vergelijkt. Vraag bij een meeloopmoment ook naar lesvoorbereiding, beoordeling van leerlingenwerk, overleg, begeleiding en contact met ouders of praktijkbedrijven. Alleen een les bijwonen geeft nog geen beeld van de hele functie.
| Waar wil je werken? | Welke route onderzoek je? | Belangrijke grens |
|---|---|---|
| Basisonderwijs | De pabo, een passende universitaire lerarenopleiding voor het basisonderwijs of zij-instroom in het beroep. | Een diploma of ervaring uit een ander beroep maakt je niet automatisch bevoegd als groepsleerkracht. |
| Vmbo en onderbouw havo/vwo | Een lerarenopleiding of passend zij-instroomtraject voor een tweedegraads bevoegdheid in het gewenste vak. | De bevoegdheid hoort bij een vak. Een diploma voor het ene vak is geen algemene bevoegdheid voor andere vakken. |
| Bovenbouw havo/vwo | Een route naar de eerstegraads bevoegdheid, bijvoorbeeld via een passende hbo-master of universitaire lerarenopleiding. | Een gewone tweedegraads bevoegdheid is hiervoor niet voldoende. |
| Middelbaar beroepsonderwijs | Een passende lerarenopleiding of, vanuit vakkennis en ervaring, een PDG-traject. | Het Pedagogisch Didactisch Getuigschrift is niet hetzelfde als een tweedegraads bevoegdheid voor het voortgezet onderwijs. |
Dit zijn de hoofdroutes voor een eerste overstap. Voor onder meer speciaal onderwijs, bijzondere vakken, een bestaande onderwijsbevoegdheid of een buitenlands diploma kan de beoordeling anders uitvallen. Geef bij een opleidingsgesprek daarom het gewenste schooltype, vak en leerjaar door. ‘Ik wil het onderwijs in’ is te ruim om de juiste route vast te stellen.
Werken in de kinderopvang is een andere beroepsroute. Ook een functie als onderwijsassistent is niet hetzelfde als leraar worden. Onderwijsondersteuners werken onder verantwoordelijkheid van een bevoegde leraar en krijgen door die functie niet vanzelf een bevoegdheid om zelfstandig les te geven.
Een pabo of lerarenopleiding volgen: ook een route voor omscholers
Je kunt een reguliere opleiding volgen, eventueel in deeltijd of in een voor jou passend verkort programma. Daarvoor hoef je niet eerst via zij-instroom in het beroep aangenomen te worden. Wel moet de onderwijspraktijk die bij de opleiding hoort worden geregeld. Vraag welke stage- of werkplek nodig is en wie die zoekt.
Pabo voor het basisonderwijs
De reguliere voltijdpabo duurt vier jaar; deeltijdvarianten combineren de opleiding met leren in de onderwijspraktijk. Met een eerder diploma kunnen andere of verkorte trajecten beschikbaar zijn. Laat de pabo je diploma’s, cijferlijsten en ervaring beoordelen voordat je op een kortere duur rekent. Toelating en vrijstelling zijn verschillende besluiten.
Havo, vwo of mbo niveau 4 kunnen toegang geven tot het hbo. Voor de pabo gelden daarnaast eisen aan kennis van bepaalde basisschoolvakken. Afhankelijk van je vooropleiding kunnen toelatingstoetsen nodig zijn. Ben je 21 jaar of ouder en heb je niet de vereiste vooropleiding, vraag dan naar het toelatingsonderzoek. Leeftijd of werkervaring alleen vervangt dat onderzoek niet. Laat de pabo bevestigen welke toetsen, intake en termijnen voor jouw instroommoment gelden.
Een afgeronde pabo levert een bachelordiploma en bevoegdheid voor het basisonderwijs op. Wie al een hbo- of wo-diploma heeft, kan ook vragen naar het traject ‘Versneld voor de klas’. Rijksoverheid beschrijft dit als een mogelijkheid om tijdens de pabo onder voorwaarden als leraar te gaan werken. Daarvoor gelden onder meer opleidingsmijlpalen, toetsvoorwaarden en afspraken met het schoolbestuur. Niet iedere pabo biedt deze route aan. Je blijft student en moet de bacheloropleiding afronden; dit is dus geen zij-instroomtraject waarvoor het bestuur de subsidie zij-instroom ontvangt.
Lerarenopleiding voor een vak in het voortgezet onderwijs
Een hbo-lerarenopleiding leidt op tot een tweedegraads bevoegdheid. Voor sommige aansluitende hbo-bachelors bestaat een eenjarige kopopleiding. De instelling moet beoordelen of jouw diploma daarvoor past; niet iedere bachelor geeft toegang tot ieder schoolvak.
Voor een eerstegraads bevoegdheid zijn er vervolgroutes via een hbo-master en routes aan de universiteit. Bij de universitaire route is de inhoudelijke aansluiting van je bachelor of master op het schoolvak belangrijk. Vraag welke vakinhoudelijke onderdelen eventueel nog ontbreken. Een hoge vooropleiding maakt die aansluiting niet vanzelfsprekend.
Vraag bij iedere verkorte opleiding wat je precies ontvangt en waar je daarmee mag lesgeven. Ook een educatieve minor of module moet je op die reikwijdte controleren. Het woord ‘educatief’ betekent niet automatisch dat je na afronding een volledige tweedegraads bevoegdheid hebt.
Zij-instroom in het beroep: werken terwijl je je bevoegdheid haalt
Bij zij-instroom in het beroep combineer je een aanstelling als leraar met een individueel scholings- en begeleidingstraject. De gewone ingang voor het primair onderwijs en een eerste- of tweedegraads bevoegdheid is een afgeronde hbo- of wo-opleiding, voldoende maatschappelijke en beroepservaring en een VOG. Voor bepaalde beroepsgerichte vmbo-profielen bestaan afwijkende vooropleidingseisen. Laat die afzonderlijk beoordelen als je naar bijvoorbeeld bouwen, techniek of horeca wilt overstappen.
Vooraf vindt een geschiktheidsonderzoek plaats. Dat beoordeelt of je al voor de klas kunt staan, de bevoegdheid binnen twee jaar kunt behalen en welke scholing en begeleiding je nodig hebt. Een positief sollicitatiegesprek is geen vervanging van dit onderzoek.
Na een positieve beoordeling leggen jij, schoolbestuur en lerarenopleiding de scholing en begeleiding vast. Het traject werkt toe naar een bekwaamheidsonderzoek binnen twee jaar. Na slagen ontvang je een getuigschrift bekwaamheidsonderzoek voor de betreffende bevoegdheid. Dit is geen nieuw bachelordiploma. Een verkorte reguliere lerarenopleiding en zij-instroom in het beroep zijn daarmee niet dezelfde route.
Zoek de school en opleiding in samenhang. Een school moet je een passende plaats kunnen bieden én de begeleiding kunnen organiseren. Bespreek wie het geschiktheidsonderzoek aanvraagt en betaalt, ook wanneer de uitkomst negatief is. Vraag daarna om het individuele scholingsvoorstel in plaats van alleen een algemene folder met ‘twee jaar’ op de voorkant.
Bespreek vóór de start wie je begeleidt, wanneer die beschikbaar is en hoe de school tijd maakt voor lessen, voorbereiding en opleiding. Leg ook vast wat er gebeurt bij ziekte, vertraging of het wegvallen van de werkplek. Ga niet zelf uit van een automatische verlenging. Blijkt deze route nog niet passend, bespreek dan een reguliere opleiding of aanvullende voorbereiding. Dat is een andere route naar het doel, geen bewijs dat leraar worden voor jou onmogelijk is.
Voor het mbo: vakkennis beoordelen en pedagogisch-didactisch scholen
Wil je jouw beroepservaring overbrengen aan mbo-studenten, onderzoek dan zowel een lerarenopleiding als het PDG-traject. Het PDG richt zich op pedagogische en didactische bekwaamheid: hoe je onderwijs verzorgt en studenten bij hun leren begeleidt. De vakinhoudelijke basis wordt niet simpelweg door een korte cursus vervangen.
Volgens Rijksoverheid kan een afgeronde hbo- of wo-opleiding toegang bieden tot de PDG-route. Ook een afgeronde mbo-opleiding met ten minste drie jaar relevante praktijkervaring kan een ingang zijn, mits je daarnaast een kwalificatieniveau hebt dat vergelijkbaar is met hbo- of wo-niveau. Het bevoegd gezag van de mbo-instelling beoordeelt dit. Alleen zeggen dat je ‘op hbo-niveau werkt’ is dus onvoldoende.
De mbo-instelling beoordeelt je geschiktheid, vakinhoudelijke bekwaamheid en de mogelijkheid om binnen twee jaar het PDG te behalen. Bespreek met de aanbieder daarnaast de toelating tot het programma en de eisen aan je werkplek. Fontys maakt bijvoorbeeld in het eigen aanbod onderscheid tussen een docentaanstelling en instroom als stagecursist onder aanvullende voorwaarden. Een opleidingsplek is daarmee niet automatisch een betaalde baan.
Met het PDG bewijs je pedagogisch-didactische bekwaamheid voor het mbo. Het is geen algemene bevoegdheid voor het basisonderwijs of voortgezet onderwijs. Wil je later ook op een middelbare school lesgeven, laat dan apart beoordelen welke bevoegdheid en aanvullende opleiding nodig zijn. Eerder leren kan daarbij relevant zijn, maar geeft niet zonder beoordeling recht op een vaste verkorting.
Vraag om een schoolweek waarin leren echt is ingepland
Een aanbod van ‘twee dagen voor de klas’ is geen volledig overzicht van je werk- en studietijd. Vraag welke andere taken bij de aanstelling horen: lessen voorbereiden, leerlingenwerk beoordelen, overleg, begeleiding van leerlingen en contact met ouders of praktijkbegeleiders. Zet daar de opleiding, opdrachten, zelfstudie en reizen naast.
Laat school en opleider samen verduidelijken welke activiteiten binnen je aanstelling vallen en welke erbuiten. Tel een opleidingsdag die al in de contracturen zit niet nogmaals op, maar vergeet de zelfstudie ook niet. Vraag bovendien op welke dagen je aanwezig moet zijn. Vrije uren op vrijdag lossen een verplichte bijeenkomst op dinsdag niet op.
Voor begeleiding zijn concrete afspraken nodig. Wie bespreekt een les met je voor? Wie kan een les observeren? Wanneer bespreken jullie feedback, en wie neemt die begeleiding over bij afwezigheid? Vraag hoe je hulp krijgt op een moment dat de groep jouw aandacht vraagt. ‘Er is altijd wel iemand’ is daarvoor minder bruikbaar dan een aangewezen begeleider met beschikbare tijd.
Wil je je huidige baan gedeeltelijk behouden, leg dan beide roosters naast elkaar voordat je uren toezegt. De gids over omscholen op latere leeftijd werkt de algemene afweging tussen tijd, inkomen en financiering verder uit. Voor deze overstap moet vooral duidelijk zijn dat je onderwijs- en opleidingsverplichtingen werkelijk samen passen.
Salaris, opleidingskosten en subsidie zijn verschillende afspraken
Vraag de school om een concreet arbeidsvoorstel met functie, contracturen, salaris, toepasselijke cao en contractduur. Een betaald zij-instroomtraject betekent niet dat je huidige inkomen behouden blijft. Een stageplaats of toelating tot een opleiding bewijst evenmin dat je salaris ontvangt.
Vraag de opleider afzonderlijk om een kostenoverzicht voor jouw route. Neem daarin toelatings- of geschiktheidsonderzoek, college- of cursusgeld, leermiddelen en afrondende onderzoeken mee. Bespreek daarnaast reizen, eventuele extra opvang en het inkomen bij minder werken. Leg per post vast wie betaalt en wat geldt bij vertraging, stoppen of overstappen naar een andere school.
Subsidie zij-instroom: een aanvraag van het bestuur
Op de controledatum 29 oktober 2026 noemt DUO € 25.000 per zij-instromer. Het bestuur van een bekostigde onderwijsinstelling kan deze bijdrage onder voorwaarden aanvragen. Het is geen bedrag dat jij als omscholer persoonlijk ontvangt. DUO noemt onder meer scholing, onderzoek, begeleiding en studieverlof als bestedingsdoelen.
De aanvraag volgt na de start van de scholing en loopt via Mijn DUO Zakelijk. DUO vermeldt voor starts in 2026 of 2027 een aanvraagtermijn tot en met 15 oktober 2027. Er gelden voorwaarden rond aanstelling en inschrijving; ook een eerdere inschrijving als student aan een lerarenopleiding kan relevant zijn. Laat het bestuur de volledige voorwaarden en aanvraagplanning controleren.
DUO vermeldt ook voorgenomen hogere bedragen, maar die zijn op de controledatum nog niet goedgekeurd. Reken daar niet op vooruit. Vraag de school welke kosten zij jou toezegt te betalen en wat er gebeurt als subsidie uitblijft. Een mogelijke subsidie is geen bewijs dat de gehele overstap kosteloos is.
Tegemoetkoming leraren: mogelijk voor jou als deelnemer
Kun je geen reguliere studiefinanciering meer krijgen, ook niet als lening of reisproduct, dan kan de tegemoetkoming leraren een mogelijkheid zijn. De regeling geldt onder voorwaarden voor onder meer pabo, lerarenopleidingen en PDG-trajecten. Het inkomen van jou en een eventuele partner telt mee. Ook inschrijving, instelling en verblijfs- of nationaliteitsvoorwaarden spelen een rol.
DUO kijkt in beginsel naar het inkomen van twee jaar eerder. Bij een voldoende grote inkomensdaling kun je vragen een recenter jaar te gebruiken. Onderzoek dit als je voor de overstap minder gaat verdienen; neem niet aan dat DUO vanzelf naar je nieuwe salaris kijkt. De tegemoetkoming is een gift en moet vóór het einde van het studiejaar worden aangevraagd. Controleer ook de combinatieregels met andere regelingen.
De lerarenbeurs is geen algemene startersbeurs
De lerarenbeurs heeft andere voorwaarden. DUO verlangt onder meer een bestaande onderwijsbevoegdheid, of de genoemde alternatieven voor leraren in mbo en hbo, en passend werk bij een bekostigde instelling. Het is dus niet vanzelf de regeling waarmee je een eerste overstap vanuit een ander beroep financiert. Vergelijk de regelingen op jouw inschrijving en positie; kies niet alleen op de naam van de beurs.
Voorbeeld: twee routes naar dezelfde basisschoolfunctie vergelijken
Dit is een fictieve voorbereiding, geen praktijkervaring of geslaagde overstap. Een communicatiemedewerker met een hbo-bachelor wil na een meeloopdag verder onderzoeken of het basisonderwijs past. Er zijn twee mogelijkheden in beeld: een deeltijdpabo met mogelijke vrijstellingen en een school die belangstelling heeft voor een zij-instromer in het beroep. Geen van beide trajecten is al definitief geregeld.
De kandidaat wil liefst snel betaald aan de slag, maar heeft nog niet met de opleiding onderzocht of direct verantwoordelijkheid dragen voor een klas haalbaar is. De school heeft alleen gezegd dat zij graag verder praat. De kandidaat zet de twee mogelijkheden daarom op dezelfde vergelijkingskaart:
| Beslispunt | Deeltijdpabo | Zij-instroom in het beroep |
|---|---|---|
| Eindbewijs | Pabobachelor en de bijbehorende bevoegdheid. | Na slagen het getuigschrift bekwaamheidsonderzoek; geen nieuwe bachelor. |
| Wat moet eerst worden beoordeeld? | Toelating en mogelijke vrijstellingen. De opleider heeft daar nog geen individueel besluit over gegeven. | Geschiktheid voor deze route. Een positief kennismakingsgesprek met de school is niet genoeg. |
| Welke praktijkpositie is toegezegd? | Nog geen stage- of werkplek bevestigd. Betaald werk tijdens de studie wordt afzonderlijk onderzocht. | Belangstelling van een school, maar nog geen definitieve aanstelling en scholings- en begeleidingsovereenkomst. |
| Welke week en kosten horen erbij? | Rooster, praktijkinzet en collegegeld moeten nog voor het individuele programma worden bevestigd. | Les- en overige werktaken, opleidingstijd, begeleiding en kostenverdeling moeten nog in het voorstel worden uitgewerkt. |
De eerstvolgende stap is hierdoor concreet. De kandidaat vraagt de pabo om een beoordeling van de vooropleiding en bespreekt met de school en opleider hoe het geschiktheidsonderzoek wordt georganiseerd. Beide routes blijven open totdat duidelijk is wat de kandidaat kan starten en onder welke voorwaarden.
De kandidaat neemt nog geen ontslag op basis van de belangstelling van de school. Evenmin wordt alvast als reguliere pabostudent ingeschreven met de aanname dat later probleemloos naar de gesubsidieerde zij-instroomroute kan worden overgestapt. Omdat een eerdere inschrijving gevolgen kan hebben voor de subsidie, bespreken kandidaat, bestuur en opleider die keuze vóór inschrijving. De onderwijskeuze en de financieringskeuze moeten bij elkaar passen.
Als direct voor de klas staan nog niet verantwoord blijkt, kan de deeltijdroute verder worden onderzocht. Blijkt zij-instroom wel passend, dan blijven begeleiding, een uitvoerbare werkweek en duidelijke arbeidsafspraken nodig. De kortste genoemde duur is niet de enige afweging: je kiest een route waarin je de vereiste bekwaamheid kunt ontwikkelen én de afgesproken rol kunt vervullen.
Veelgestelde vragen
Kun je leraar worden zonder hbo-diploma?
Ja, er zijn routes om eerst de benodigde opleiding te volgen. Havo, vwo of mbo niveau 4 kunnen toegang geven tot het hbo; voor de pabo kunnen aanvullende toetsen nodig zijn. Zonder de vereiste vooropleiding kan vanaf 21 jaar een toelatingsonderzoek een mogelijkheid zijn. Voor de PDG-route in het mbo kunnen een mbo-diploma en ten minste drie jaar relevante praktijkervaring een ingang zijn. Daarnaast moet de instelling vaststellen dat je kwalificatieniveau vergelijkbaar is met hbo- of wo-niveau. Dit maakt je niet zonder verdere scholing en beoordeling bevoegd.
Hoe lang duurt omscholen tot leraar?
Dat verschilt per route en vooropleiding. De reguliere voltijdpabo duurt vier jaar; vrijstellingen of andere trajecten kunnen de duur veranderen. Zij-instroom in het beroep is gericht op het behalen van de betreffende bevoegdheid binnen twee jaar, na een positief geschiktheidsonderzoek. Vraag de opleiding om jouw individuele programma, praktijkverplichtingen en voorwaarden bij vertraging. Een algemene vermelding van twee jaar is geen persoonlijke garantie.
Krijg je salaris tijdens een lerarenopleiding?
Dat hangt af van je positie en arbeidsafspraken. Bij een aanstelling als zij-instromer in het beroep werk je betaald terwijl je scholing volgt. Een reguliere opleiding of stageplaats geeft op zichzelf geen recht op salaris. Vraag om een concreet aanbod met functie, uren, loon en contractduur. De subsidie zij-instroom is een bijdrage voor het bestuur en geen persoonlijke salarisvergoeding voor de deelnemer.
Bronnen en controle
Inhoud gecontroleerd op 29 oktober 2026 aan de hand van onderstaande bronnen. Regels en informatie kunnen veranderen.
Bekijk de bronnen (11)
- Rijksoverheid — Leraar in het basisonderwijs worden
- Rijksoverheid — Leraar in het voortgezet onderwijs worden
- Rijksoverheid — Zij-instroom, Versneld voor de klas en PDG
- Rijksoverheid — Studiekeuze en toelating
- Fontys — Pedagogisch Didactisch Getuigschrift
- Onderwijsinspectie — Bevoegd lesgeven in het primair onderwijs
- DUO — Subsidie zij-instroom: aanvragen
- DUO — Tegemoetkoming leraren
- DUO — Voorwaarden lerarenbeurs
- NCOI — Omscholen tot leraar: hoe doe je dat
- Indeed — Omscholen tot docent: hoe werkt het en wat kost het?