Omscholen naar de kinderopvang begint met twee vragen: met welke kinderen wil je werken en wat kun je met je huidige diploma? Een diploma kan passen bij de buitenschoolse opvang, maar niet bij de dagopvang. Soms is aanvullende scholing voldoende; soms heb je een volledige beroepsopleiding nodig. Schrijf je daarom niet meteen in voor een cursus die ‘werken in de kinderopvang’ belooft.

Controleer eerst de kwalificatie voor de beoogde functie. Bespreek daarna hoe je kunt leren en werken, wie de opleiding betaalt en op welke groepen je daadwerkelijk mag worden ingezet. Een opleidingsovereenkomst, een arbeidsovereenkomst en toestemming om mee te tellen in de bezetting beantwoorden verschillende vragen.

Kies eerst tussen dagopvang en BSO

In de dagopvang werk je met jonge kinderen die nog niet naar de basisschool gaan. In de buitenschoolse opvang (BSO) begeleid je schoolgaande kinderen buiten schooltijd. Dat verschil zie je terug in de activiteiten, het contact met kinderen en ouders, de werktijden en de kwalificatie-eisen.

Vraag een organisatie om het echte rooster van de functie te laten zien: zowel een gewone schoolweek als een vakantieweek. Onderzoek ook taken buiten het directe contact met kinderen, zoals activiteiten voorbereiden, overdracht en overleg. Een BSO-contract van een bepaald aantal uren zegt nog niet op welke dagen en tijdstippen je beschikbaar moet zijn.

Gewenste werkplek Wat controleer je? Wat mag je niet aannemen?
Dagopvang Of je diploma voor dagopvang kwalificeert en welke aanvullende bewijzen nodig zijn. Dat een diploma dat voor de BSO voldoet ook voor dagopvang geldig is.
BSO Of je diploma voor de BSO kwalificeert, of dat een specifieke andere instroomroute past. Dat ieder diploma uit onderwijs, zorg, sport of een creatieve opleiding voldoende is.
Dagopvang met baby’s Naast de dagopvangkwalificatie ook het vereiste bewijs voor werken met 0-jarigen, of de voorwaarden van een toepasselijke uitzondering. Dat ervaring met je eigen kinderen of alleen inschrijving voor een willekeurige babycursus volstaat.
Voorschoolse educatie (VE) De aanvullende VE-eisen voor de functie en de startdatum. Dat kwalificatie voor gewone dagopvang alle VE-eisen dekt.

Deze gids gaat over werken bij een kinderopvangorganisatie. Voor gastouderopvang gelden afzonderlijke voorwaarden. Twijfel je tussen kinderopvang en lesgeven, vergelijk dan ook de routes om je om te scholen tot leraar; de bijbehorende bevoegdheden zijn niet uitwisselbaar.

Laat je bestaande diploma eerst controleren

Gebruik de Diplomacheck van Kinderopvang werkt! met de exacte naam van je diploma. Lees het hele resultaat, inclusief voorwaarden voor aanvullende bewijzen. Bewaar je diploma, cijferlijst en relevante certificaten bij elkaar en laat de beoogde werkgever beoordelen of het dossier voor deze functie compleet is.

De uitkomst kan zijn dat je al kwalificeert, dat een aanvullend bewijs nodig is of dat een andere opleidingsroute moet worden onderzocht. Een zoekresultaat op alleen een brede opleidingsnaam is geen individuele erkenning. Staat je diploma niet in de tool, of heb je een buitenlands diploma, leg dan je precieze documenten voor aan de daarvoor aangewezen beoordelaar. Koop niet op basis van een commerciële cursusomschrijving alvast een traject.

Vraag bij aanvullende scholing schriftelijk welk bewijs je behaalt en hoe juist dat bewijs, samen met jouw diploma, aansluit op de actuele kwalificatie-eisen. ‘Branche-erkend’ betekent niet dat iedere erkende cursus ieder ontbrekend diplomaonderdeel vervangt. Ook een korte cursus met een certificaat maakt je niet vanzelf volledig gekwalificeerd voor alle opvangsoorten.

Vergelijk de instroomroutes op functie en eindbewijs

Een kwalificerende opleiding, eventueel via BBL

Heb je een nieuw beroepsdiploma nodig, bespreek dan met een opleider welke opleiding en leerweg passen. Via de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) combineer je een mbo-opleiding met werken bij een erkend leerbedrijf. Laat de opleider bevestigen dat de opleiding kwalificeert voor jouw gewenste werk en welke toelatingseisen en eventuele vrijstellingen gelden. Een verkorte duur is pas bruikbaar als die voor jouw situatie is vastgesteld.

De Cao Kinderopvang 2025–2026 kent voor mbo-student-medewerkers eigen afspraken. In beginsel gaat het om minimaal twintig uur per week; bij uitsluitend BSO gaat het om minimaal twaalf uur, waarbij de opleiding meer praktijkuren kan verlangen. Voor bepaalde langer durende opleidingen geldt een afwijkende koppeling aan de benodigde beroepspraktijkvorming. Laat opleider en werkgever daarom dezelfde urenafspraak bevestigen. Neem niet aan dat een lesdag automatisch betaald is: de cao biedt ruimte om les- en zelfstudietijd geheel of gedeeltelijk in de contracturen te compenseren.

Pedagogisch professional in ontwikkeling

Dit is een specifieke cao-functie met een ontwikkeltraject. Een ingang is een nog niet kwalificerend diploma op minimaal mbo-niveau 3, of een havo- of vwo-diploma. Alleen dat diploma is niet genoeg: een persoonlijk ontwikkelplan moet laten zien dat verantwoorde instroom mogelijk is. Voor een buitenlands diploma gelden afzonderlijke voorwaarden.

De werkgever stelt het plan in overleg met jou op. Daarin horen onder meer het te behalen kwalificerende diploma, de fasering, begeleiding en afspraken over inzet en voortgang. Voor deze route bepaalt cao-artikel 8.5 dat alle kosten én tijd van het ontwikkelplan voor rekening van de werkgever komen. Dat is een andere afspraak dan bij de mbo-student-medewerker in artikel 8.6.1, waar staat dat de werkgever studiekosten kan vergoeden. Laat daarom de functienaam en toepasselijke cao-route in het aanbod opnemen.

Een andere achtergrond inzetten in de BSO

Voor iemand met bijvoorbeeld deskundigheid in sport, muziek of techniek kan de route van andersgekwalificeerde beroepskracht in de BSO relevant zijn. Dit is geen algemene vrijstelling van de kwalificatie-eisen. De werkgever beoordeelt hoe je deskundigheid bijdraagt aan het activiteitenaanbod en de ontwikkeling van kinderen en legt dat vast in het pedagogisch beleidsplan.

Voor inzet binnen deze route moet je onder meer vooraf de voorgeschreven pedagogische module hebben voltooid en aan de taaleis voldoen. Er gelden ook grenzen voor de personeelsbezetting en er moet een gekwalificeerde beroepskracht op de locatie aanwezig zijn ter ondersteuning. Deze BSO-route geeft je geen algemene kwalificatie voor dagopvang. Wil je later breder inzetbaar zijn, bespreek dan afzonderlijk welk diploma of aanvullend bewijs daarvoor nodig is.

Leren op de groep is niet hetzelfde als volledig inzetbaar zijn

Als medewerker in opleiding kun je onder voorwaarden meetellen voor de minimaal benodigde personeelsbezetting. Dat heet formatieve inzet. Het is geen automatische uitkomst van een getekend arbeidscontract. De werkgever moet je inzet bepalen aan de hand van de toepasselijke regels en je opleidingsfase.

Bij formatieve inzet van een beroepskracht in opleiding hoort een begeleidingsplan dat wordt ondertekend door de medewerker, de praktijkbegeleider en de opleidingsbegeleider. Vraag wat het plan concreet betekent: welke taken voer je uit, hoeveel begeleiding is aanwezig en wanneer wordt je inzet opnieuw beoordeeld? Een algemene verruiming van het aantal medewerkers in opleiding op een locatie zegt niets over wat jij persoonlijk al verantwoord kunt doen.

Bespreek ook wie overneemt wanneer je begeleider ziek is of wanneer een taak nog niet goed lukt. ‘Je kunt altijd iemand bellen’ is geen uitgewerkt antwoord op de vraag wie op dat moment op de groep verantwoordelijk is en welke ondersteuning beschikbaar moet zijn. De organisatie moet haar bezetting en begeleiding op orde hebben; jij hoeft een ontbrekende kwalificatie of onduidelijke leerafspraak niet met extra inzet te compenseren.

Controleer taal, babyscholing en PRK vóór de start

Voor pedagogisch medewerkers in de dagopvang geldt sinds 1 januari 2025 minimaal 3F of B2 voor mondelinge Nederlandse taalvaardigheid: spreken, gesprekken voeren en luisteren. Voor de BSO is het niveau 2F of B1. In de voorschoolse educatie geldt daarnaast de eis van 3F voor leesvaardigheid. Laat nagaan met welke diploma’s of andere documenten jij dit aantoont.

De taaleis geldt volgens Rijksoverheid niet voor medewerkers in opleiding en stagiairs. Er zijn bovendien specifieke uitzonderingen en overgangsbepalingen, onder meer rond andere voertalen en oudere medewerkers. Een uitzondering tijdens je opleiding is geen reden om de bewijsvoering voor je latere functie uit te stellen tot het laatste moment. Neem die mee in je leerplan.

Voor werken met 0-jarigen geldt een aanvullende scholingseis. Een goedgekeurde scholing kan al onderdeel zijn van je beroepsopleiding; ook dan moet succesvolle afronding aantoonbaar zijn. Er bestaan begrensde uitzonderingen, onder meer voor medewerkers die de scholing nog volgen met een volledig voor baby’s gekwalificeerde collega op de groep. Laat de werkgever controleren of zo’n uitzondering werkelijk van toepassing is, inclusief termijnen en bezetting. Alleen aanmelden voor een cursus is onvoldoende.

Daarnaast moeten medewerkers en stagiairs zich inschrijven in het Personenregister kinderopvang (PRK). Hiervoor is een VOG nodig die bij inschrijving niet ouder is dan twee maanden en is afgegeven voor de functieaspecten 84 én 86. Je schrijft jezelf in; de kinderopvangorganisatie koppelt je aan de organisatie. Pas na die koppeling is de registratie compleet. Laat vóór je begint bevestigen dat beide stappen zijn afgerond. Een VOG en PRK-inschrijving vervangen geen diploma, taalbewijs of scholing.

Maak van een aanbod een concrete startkaart

Vraag werkgever en opleider om dezelfde uitgangspunten vast te leggen. Je hoeft daarvoor geen uitgebreid projectplan te maken. Onderstaande vragen brengen juist de punten boven tafel die in een wervingsgesprek gemakkelijk door elkaar lopen.

  • Functie en opvangsoort: word je student-medewerker, pedagogisch professional in ontwikkeling, gekwalificeerd professional of andersgekwalificeerde BSO-beroepskracht? Voor welke groepen geldt het aanbod?
  • Bewijs: wat is al gecontroleerd, wat ontbreekt en welk eindbewijs moet je halen? Wie bevestigt dat het dossier compleet is?
  • Werk en leren: hoeveel uren zijn betaald, welke tijd is voor lessen en zelfstudie, en hoe ziet het rooster eruit tijdens schoolvakanties?
  • Begeleiding: wie begeleidt je, wanneer is die persoon beschikbaar en wie beslist over uitbreiding van je taken of inzet?
  • Kosten: wie betaalt opleiding, boeken, aanvullende scholing, examens en eventuele herkansingen? Welke afspraken gelden bij vertraging of stoppen, en passen die bij de toepasselijke cao en wetgeving?
  • Startvoorwaarden: zijn VOG, PRK-koppeling, benodigde bewijzen en afspraken over inzet tijdig geregeld?

Bereken je overstap met het loon en de vergoeding die daadwerkelijk in het aanbod staan. Een mogelijke subsidie voor de werkgever is geen persoonlijke vergoeding voor jou. Wil je eerst bepalen of een sectorwissel financieel en praktisch past, gebruik dan de bredere afwegingen bij omscholen op latere leeftijd.

Voorbeeld: een aanbod van 24 uur blijkt nog geen uitvoerbaar contract

Dit is een fictieve situatie. Een kandidaat wil overstappen naar de kinderopvang en heeft voor haar huishoudbudget minimaal 24 betaalde uren nodig. De organisatie controleert haar bestaande diploma en aanvullende documenten. In dit voorbeeld voldoet zij voor de BSO, maar nog niet voor dagopvang. Het voorlopige aanbod bestaat uit achttien BSO-uren en zes uren op een dagopvanggroep met baby’s.

De zes dagopvanguren kunnen niet zonder meer als reguliere inzet worden toegezegd. Daarvoor ontbreekt in dit voorbeeld de passende dagopvangkwalificatie; alleen babyscholing lost dat niet op. De organisatie moet eerst bepalen welke aanvullende route nodig is en of er tijdens dat traject een verantwoorde, toegestane inzet mogelijk is. Ook het taalbewijs en de specifieke eisen voor werken met baby’s moeten worden gecontroleerd.

De kandidaat rekent daarom voorlopig met achttien bevestigde uren, niet met 24. Dat is zes uur minder dan zij nodig heeft. Zij vraagt om een aangepast aanbod: kan de werkgever voldoende passende BSO-uren aanbieden, of een concreet leerwerktraject met voldoende betaalde uren en begeleiding? Een toezegging dat ‘de rest later wel wordt geregeld’ is daarvoor niet genoeg.

Pas wanneer functie, uren en startvoorwaarden bij elkaar passen, kan zij het aanbod vergelijken met haar huidige werk. De uitkomst hoeft niet te zijn dat zij de overstap afwijst. Wel voorkomt deze controle dat zij een bestaande baan opzegt voor uren die nog niet verantwoord of toegestaan kunnen worden ingevuld.

Veelgestelde vragen

Kun je zonder kinderopvangdiploma in de kinderopvang werken?

Soms, maar niet automatisch als volledig gekwalificeerd pedagogisch professional. Je bestaande diploma kan al kwalificeren of met aanvullende bewijzen bruikbaar zijn. Zo niet, dan kun je een passende leerwerkroute onderzoeken. Ook bestaat onder voorwaarden een route voor andersgekwalificeerde beroepskrachten in de BSO. Welke inzet is toegestaan, hangt af van de functie, opvangsoort, kwalificatie en eventuele opleidingsfase. Laat de werkgever dat vooraf controleren.

Hoelang duurt omscholen naar de kinderopvang?

Daarvoor is geen vaste duur die voor iedereen geldt. Het verschil tussen een ontbrekend aanvullend bewijs en een volledig nieuw beroepsdiploma is groot. Laat eerst je bestaande diploma beoordelen. Vraag daarna aan de opleider welke toelating, vrijstellingen, praktijkuren en examens voor jou gelden. Leg een haalbare planning vast met de werkgever; een verkort traject uit een advertentie is nog geen persoonlijk opleidingsbesluit.

Worden je opleiding en lesuren betaald als je overstapt naar de kinderopvang?

Dat hangt af van de route en de toepasselijke afspraken. Voor de cao-functie pedagogisch professional in ontwikkeling komen alle kosten en tijd van het ontwikkelplan voor rekening van de werkgever. Voor mbo-student-medewerkers kent de cao ruimte om studiekosten te vergoeden en les- of zelfstudietijd in de contracturen te compenseren; ga niet uit van automatische volledige vergoeding. Laat functie, betaalde uren en kostenverdeling schriftelijk bevestigen.

Bronnen en controle

Inhoud gecontroleerd op 29 oktober 2026 aan de hand van onderstaande bronnen. Regels en informatie kunnen veranderen.

Bekijk de bronnen (15)