Jongvolwassenen die opgroeiden in een gezin met een bijstandsuitkering, hebben een veel grotere kans om zelf ook in de bijstand te komen. Ze zijn vaker lager opgeleid en hebben een zwakkere positie op de arbeidsmarkt. Dat blijkt uit onderzoek van het CBS, waarover Divosa op 22 oktober schreef. Voor werkgevers zit hier een opdracht in, want juist de eerste baan of stage kan het patroon doorbreken.
Wat het CBS vond
De overgrote meerderheid van de 29-jarigen werkt, namelijk 87 procent. Bij jongvolwassenen die in hun jeugd meer dan vijf jaar in de bijstand opgroeiden, is dat 69 procent. Ze hebben op hun 29e ook minder vaak een hbo- of wo-diploma dan leeftijdsgenoten.
De overdracht is duidelijk. Van alle 29-jarigen heeft 1,7 procent een bijstandsuitkering. Bij wie grotendeels in een gezin met bijstand opgroeide, is dat aandeel ruim vijf keer zo groot.
Divosa ziet hetzelfde in de praktijk. Het aantal jongeren van 18 tot 27 jaar in de bijstand neemt toe, en hun problemen worden ingewikkelder. Steeds vaker gaat het om een combinatie van mentale klachten, schulden en woonproblemen. Begeleiding naar werk of school alleen is dan meestal niet genoeg.
Waar jij het verschil maakt
Een gemeente kan schulden regelen en een woning zoeken. Wat een gemeente niet kan, is een jongere laten ervaren hoe het is om ergens bij te horen, op tijd te komen en iets af te maken waar een ander op rekent. Dat gebeurt op de werkvloer. Uit het onderzoek blijkt dat het diploma vaak ontbreekt. Een werkgever die niet op het diploma selecteert maar op inzet, opent een deur die anders dicht blijft.
Er zijn drie vormen die daarbij passen.
Een stage of snuffelstage. Voor een jongere die nog op school zit, is een stage vaak het eerste contact met werk. Wie daar een goede begeleider treft, leert meer dan het vak alleen.
Een leerbaan. In een bbl-traject werkt een jongere en volgt hij tegelijk een opleiding. Hij verdient geld en haalt een diploma, en dat is precies wat bij deze groep vaak ontbreekt. Voor de begeleiding kun je subsidie krijgen, zoals je leest in subsidie praktijkleren bij een bbl-traject.
Een gewone baan met begeleiding. Voor jongeren die al uit school zijn, kan een baan met een vaste begeleider op de werkvloer werken. Dat hoeft geen professionele jobcoach te zijn. Een ervaren collega die tijd krijgt om te helpen is vaak genoeg. Hoe je dat organiseert, staat in werkbegeleiding voor medewerkers die extra steun nodig hebben.
Welke regelingen helpen
Divosa noemt twee wetten die gemeenten meer ruimte geven. Met de Participatiewet in Balans is er meer ruimte voor maatwerk en de ontwikkeling van jongeren. De nieuwe Wet van school naar duurzaam werk moet jongeren beter helpen bij de overstap van onderwijs naar werk, zodat ze na school niet uit beeld raken.
Voor jou betekent dat dat de gemeente een betere partner kan zijn. Neem je een jongere uit de bijstand aan, vraag dan wat de gemeente kan bijdragen, bijvoorbeeld met een proefplaatsing via de gemeente of met hulp bij de dingen buiten het werk.
Wie meer wil weten, kan terecht bij een bijeenkomst van Divosa en Cedris op vrijdag 20 november over de praktijk van de Wet van school naar duurzaam werk. Die is bedoeld voor gemeenten en werkontwikkelbedrijven, maar laat ook zien waar werkgevers kunnen aanhaken.