PSO-certificering maakt zichtbaar hoe je organisatie werk biedt aan mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. De Prestatieladder Socialer Ondernemen beoordeelt de omvang van die bijdrage én de manier waarop je mensen laat werken en zich laat ontwikkelen. Een onafhankelijke audit gaat vooraf aan toekenning door PSO Nederland.
Voor een werkgever is vooral de vervolgvraag belangrijk: helpt dit keurmerk bij onze bedrijfsvoering, klanten en opdrachten? Dat hangt af van wat je wilt aantonen, welke onderneming je laat certificeren en wat een opdrachtgever accepteert. Hieronder lees je hoe je die keuze maakt en de aanvraag voorbereidt. Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026; voor nieuwe aanvragen geldt PSO-handleiding 2.6.
Wat toont een PSO-certificaat aan?
PSO meet arbeidsparticipatie. De directe bijdrage betreft werk binnen de organisatie door mensen die onder de PSO-doelgroep vallen. Daarnaast kan een indirecte bijdrage meetellen via inkoop bij PSO-gecertificeerde organisaties. Daarmee kijkt PSO ook naar werk dat je via je leveranciers ondersteunt. Inkoop alleen volstaat niet voor een trede: volgens handleiding 2.6 moet minimaal 20% van de norm van de beoogde trede via de directe bijdrage in de eigen organisatie worden gerealiseerd. Dat is dus 20% van die norm, geen eis dat 20% van je personeel tot de doelgroep behoort.
Dat is iets anders dan een algemeen oordeel over alles wat je bedrijf maatschappelijk doet. Een duurzaam product, donatie of vrijwilligersdag bewijst op zichzelf geen PSO-prestatie. Het keurmerk richt zich op werkgelegenheid voor de doelgroep en de kwaliteit daarvan.
Alleen mensen tellen is evenmin voldoende. Voor de Basistrede en de treden 1 tot en met 3 worden ook bestuur en beleid, passend werk, inclusie, functioneren en ontwikkeling, en begeleiding beoordeeld. Denk aan werk dat past bij iemands mogelijkheden, een aanspreekpunt op de werkvloer en aandacht voor verdere ontwikkeling. Een rekentool geeft daarom een voorlopige uitkomst; het certificaat volgt pas na beoordeling.
Welke treden kent de Prestatieladder Socialer Ondernemen?
PSO vergelijkt de sociale bijdrage met die van organisaties van vergelijkbare omvang. De percentages in de tabel beschrijven die positie. Top 10% betekent dus niet dat precies 10% van je eigen medewerkers tot de doelgroep moet behoren.
| Niveau | Wat betekent het? |
|---|---|
| Aspirant-status | Een goedgekeurd plan om binnen twee jaar het niveau van de Basistrede te bereiken. |
| Basistrede | De sociale bijdrage past bij de top 50% van sociaal werkgevers in de vergelijking. |
| Trede 1 | De sociale bijdrage past bij de top 35%. |
| Trede 2 | De sociale bijdrage past bij de top 22,5%. |
| Trede 3 | De sociale bijdrage past bij de top 10%. |
Je hoeft niet vooraf te kiezen welk label mooi zou staan. Vul eerst de werkelijke gegevens in en kijk welk niveau daarmee haalbaar is. Een wens van een klant verandert de uitkomst van de berekening niet. Als het gewenste niveau nog buiten bereik ligt, moet je bepalen welke verbetering in werkgelegenheid of begeleiding werkelijk uitvoerbaar is.
Naast trede 3 bestaat het aanvullende PSO 30+-certificaat. Daarvoor gelden eigen voorwaarden. Trede 3 hebben betekent niet automatisch dat je ook voor 30+ in aanmerking komt.
Wanneer is certificering de moeite waard?
Begin met een concreet doel. Wil je de bestaande sociale werkgelegenheid onafhankelijk laten beoordelen? Hebben meerdere klanten behoefte aan hetzelfde bewijs? Of wil je certificering gebruiken bij een bepaalde aanbesteding? Schrijf op welke beslissing het certificaat moet ondersteunen en bij wie.
Als de aanleiding één opdracht is, lees dan eerst de aanbestedingsstukken. Welke trede is relevant, welke rechtspersoon moet het certificaat hebben en op welk moment moet je het kunnen overleggen? Een certificaat dat niet bij de gevraagde onderneming of periode past, kan zijn doel voor die opdracht missen.
De algemene toelatingsvoorwaarden zijn ten minste één jaar inschrijving bij de Kamer van Koophandel, minimaal twee fte werkzame personen in het peiljaar en minimaal twee werkzame personen op het moment van de aanvraag. Handleiding 2.6 vermeldt daarnaast dat er gedurende minimaal een jaar werkzame medewerkers moeten zijn. Voor de Aspirant-status geldt een uitzondering op de eis van één jaar inschrijving. Controleer deze voorwaarden voordat je tijd in een volledig dossier steekt.
Gebruik de gratis rekentool vervolgens als eerste verkenning. Als de gegevens nog onvolledig zijn, noteer dan welke uitkomst daarvan afhankelijk is. Reserveer pas een definitief traject als iemand verantwoordelijk is voor het dossier, de begeleiding op de werkvloer en de kosten. Een adviseur kan werk uit handen nemen, maar de mensen in je organisatie moeten de praktijk en onderbouwing kunnen leveren.
Bepaal precies welke onderneming onder het certificaat valt
Bij een bedrijf met meerdere bv’s is de handelsnaam niet nauwkeurig genoeg. PSO-certificering heeft een afgebakende reikwijdte: de aanvragende rechtspersoon en eventuele opgenomen onderliggende entiteiten. Binnen een opgenomen rechtspersoon kun je niet alleen de afdeling met veel doelgroepmedewerkers selecteren en de rest weglaten.
Maak daarom vóór de berekening een eenvoudig overzicht met de juridische namen, KvK-nummers en entiteiten die je wilt meenemen. Leg daarnaast de naam van de inschrijver op de beoogde aanbesteding. Laat bij een groepscertificaat bevestigen of dat bewijs volgens de opdrachtgever volstaat voor de inschrijvende entiteit.
Fictief voorbeeld: een installatiegroep heeft een onderhoudsbedrijf en een projectenbedrijf. Bij onderhoud werken meerdere mensen uit de doelgroep; projecten schrijft in op een gemeentelijke opdracht. De directie wil alleen het onderhoudsbedrijf laten certificeren. Dan moet zij eerst nagaan hoe het projectenbedrijf zijn prestatie voor die opdracht gaat aantonen. Een gedeeld logo of dezelfde eigenaar maakt het certificaat van onderhoud niet vanzelf het certificaat van projecten. Die vraag eerst oplossen voorkomt dat HR een dossier voor de verkeerde aanvraag opbouwt.
Zo bereid je de aanvraag voor
In MijnPSO maak je een account en een rekentool aan. Je bepaalt de organisatieonderdelen en voert gegevens over het peiljaar in: bedrijfsomvang, doelgroepmedewerkers en eventuele inkoop bij gecertificeerde leveranciers. Het peiljaar is het jaar vóór de gekozen peildatum, niet automatisch het kalenderjaar. Het systeem berekent een voorlopige positie. Daarna werk je het plan voor Aspirant uit of vul je de kwalitatieve vragenlijst in.
Verdeel het voorbereidende werk intern. Onderstaande indeling is een praktische werkafspraak, geen extra PSO-eis.
| Wie? | Wat laat je voorbereiden? | Welke vraag moet beantwoord zijn? |
|---|---|---|
| Directie of projecteigenaar | Doel, betrokken entiteiten, gewenste planning en budget. | Voor wie en waarvoor willen we dit certificaat gebruiken? |
| HR en salarisadministratie | Een aansluitend overzicht van werkzame personen, inzet en beschikbare onderbouwing. | Kunnen we uitleggen waar iedere ingevoerde regel vandaan komt? |
| Inkoop en financiële administratie | Een overzicht van relevante leveranciers en facturen over dezelfde periode. | Welke inkoop willen we laten beoordelen en kunnen we die herleiden? |
| Leidinggevenden en begeleiders | Concrete voorbeelden van passend werk, begeleiding en ontwikkeling. | Gebeurt wat we beschrijven ook op de werkvloer? |
| Contractverantwoordelijke | De eisen van klanten of aanbestedingen waarvoor het bewijs nodig is. | Past de aanvraag bij de juiste onderneming, trede en deadline? |
Werk vanuit één gezamenlijk overzicht en leg verschillen terug bij de verantwoordelijke. Als HR en finance een andere bedrijfsomvang gebruiken, is het weinig zinvol om beide versies alvast in afzonderlijke documenten te verwerken. Los eerst op welke personen en uren volgens de handleiding meetellen.
De regels kunnen wijzigen. Sinds 1 oktober 2026 geldt versie 2.6 voor definitief ingediende nieuwe aanvragen en hercertificeringen. Daarin moeten onder meer alle opgevoerde factuurbedragen voor de indirecte bijdrage exclusief btw worden ingevuld, ook bij organisaties die niet btw-plichtig zijn. Gebruik dus de handleiding bij jouw aanvraag, niet alleen een oud intern werkblad.
Vraag vervolgens offertes op bij een aangesloten certificerende instelling en dien de aanvraag definitief in. De instelling voert de onafhankelijke audit uit. PSO Nederland beoordeelt daarna de resultaten en beslist over de toekenning. Een ingeplande audit of positief berekende score is nog geen afgegeven keurmerk.
Wat kosten het traject en de tijd die je nodig hebt?
Het gebruik van de PSO-rekentool is gratis. Voor certificering betaal je auditkosten en een jaarlijkse bijdrage. Die bijdrage hangt af van de bedrijfsomvang en de definitieve uitkomst na de audit. De auditaanbieder maakt een offerte; reken dus niet met één vast totaalbedrag voor iedere werkgever.
Vraag in die offerte naar reis- en locatiekosten, eventuele herstelbeoordelingen en wijzigingen in de aanvraag. Neem daarnaast je eigen uren op in het budget: administratie bijeenbrengen, vragen beantwoorden en eventuele verbeteringen in de begeleiding uitvoeren. Dat maakt zichtbaar of er capaciteit beschikbaar is naast de facturen van de externe partijen.
PSO Nederland noemt gemiddeld twee tot vier weken doorlooptijd vanaf de audit. Dat is geen belofte dat je vanaf de eerste voorbereiding binnen vier weken een certificaat hebt. Plan ook het verzamelen van gegevens, de beschikbaarheid van de auditor en eventuele aanvullingen.
De ingangsdatum is de eerste dag van de maand na de definitieve aanvraag. Het certificaat wordt pas na een positieve beoordeling afgegeven. Als een opdrachtgever op een bepaalde datum een certificaat verlangt, ga er dan niet van uit dat een later afgegeven document met een eerdere ingangsdatum vanzelf wordt geaccepteerd. Laat de vereiste bewijsdatum en mogelijke alternatieven vooraf verduidelijken.
Voldoet een PSO-certificaat ook aan je SROI-verplichting?
Dat bepaalt de opdrachtgever. PSO beoordeelt de sociale prestatie van de afgebakende organisatie; SROI bevat afspraken voor een opdracht. Een eigen certificaat kan als invulling worden aanvaard, maar er bestaat geen landelijke regel dat iedere trede de volledige verplichting vervangt.
De uitvoeringsvoorwaarden van Zuidoost-Brabant 2026 laten dat duidelijk zien. Bij een eigen trede 2 moet de opdrachtnemer voor de door het certificaat afgedekte periode nog 50% van de socialreturnverplichting op een andere toegestane manier realiseren. Trede 2 betekent daar dus geen volledige afdekking.
De regels van ‘s-Hertogenbosch 2025 kennen onder voorwaarden juist een ontheffingsmogelijkheid vanaf trede 2, voor de in die regeling beschreven verplichting tot maximaal 5%. Dit moet in de aanbestedingsstukken staan en aan de voorwaarden rond geldigheid worden voldaan. Zo’n regeling kun je niet overnemen voor een opdracht elders.
Controleer daarom de geaccepteerde trede, welk deel meetelt, de geldigheidsperiode en het benodigde bewijs. Bereken het resterende bedrag vanuit je eigen contract; bij het SROI-percentage en de grondslag staat hoe je de oorspronkelijke verplichting vaststelt.
Houd ook twee routes uit elkaar: zelf gecertificeerd zijn en inkopen bij een gecertificeerde leverancier. Een factuur van zo’n leverancier geeft jou geen eigen PSO-trede. Of de factuur voor jouw SROI meetelt, moet afzonderlijk blijken uit de inkoopvoorwaarden. Voor de keuze tussen de verschillende mogelijkheden kun je verder met SROI invullen.
Wat regel je na de toekenning?
Een PSO-certificaat is maximaal twee jaar geldig. Voor voortzetting is een nieuwe aanvraag en audit nodig volgens de dan geldende handleiding. Zet de vervaldatum daarom bij de contractplanning en wijs iemand aan die tijdig de hercertificering voorbereidt.
Bewaar naast het certificaat het overzicht van de betrokken entiteiten en de afspraken met opdrachtgevers. Bespreek een wijziging in de organisatiestructuur of KvK-inschrijving tijdig met PSO Nederland. Een certificaat verhuist niet automatisch mee naar een andere rechtspersoon.
Blijf intern volgen of werk en begeleiding aansluiten bij wat je hebt laten beoordelen. Bespreek bijvoorbeeld bij vertrek van een begeleider wie diens taken overneemt. Daarmee krijgt certificering een plek in de dagelijkse bedrijfsvoering, en begint de volgende aanvraag niet met het reconstrueren van twee jaar administratie.
Veelgestelde vragen
Kun je met PSO beginnen als je nog geen doelgroepmedewerkers hebt?
Je kunt gratis je uitgangspositie verkennen in MijnPSO. De Aspirant-status biedt een route om naar de Basistrede toe te werken. Daarvoor zijn een passend plan en aantoonbare uitvoering nodig; het is geen automatische erkenning na registratie. Ook de toelatingsvoorwaarden voor de aanvragende organisatie blijven van belang.
Is een positief resultaat in de rekentool al een PSO-certificaat?
Nee. De berekende positie is voorlopig en hangt af van je invoer. Daarna volgen de vereiste aanvraagonderdelen en een onafhankelijke audit. PSO Nederland beslist over toekenning. Gebruik een berekende score daarom niet als afgegeven certificaat in een offerte of aanbesteding.
Bronnen en controle
Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026 aan de hand van onderstaande bronnen. Regels en informatie kunnen veranderen.
Bekijk de bronnen (14)
- PSO Nederland — Over PSO
- PSO Nederland — De PSO-treden
- PSO Nederland — Keurmerk aanvragen
- PSO Nederland — Kosten van een PSO-certificaat
- PSO Nederland — Certificeren
- PSO Nederland — Certificerende instellingen
- PSO Nederland — Nieuwe handleiding 2.6 per 1 oktober 2026
- PSO Nederland — Documentatie
- TNO — PSO-handleiding 2.6, 1 oktober 2026
- Overheid.nl — Beleid Social return 2026, Zuidoost-Brabant
- Overheid.nl — Social return ’s-Hertogenbosch 2025
- Codex — Prestatieladder Socialer Ondernemen (vergelijking)
- GreenFox — PSO-normen (vergelijking)
- PSO Nederland — Handreiking vaststellen Aanvragende organisatie