De opdracht is afgelopen en de eindrapportage ligt er. Daarmee zie je welke inzet voor de opdracht is verantwoord. Maar werkte de gekozen aanpak ook goed? Kregen deelnemers passende begeleiding, kon de partner leveren wat nodig was en wat zou je bij een volgende opdracht anders organiseren?

Een evaluatie van social return helpt je die vragen te beantwoorden. Je combineert de vastgelegde resultaten met ervaringen van betrokkenen en besluit wat je behoudt, verandert of verder onderzoekt. Hieronder staat een praktische werkwijze voor een werkgever of projectleider na afloop van een opdracht. Dit gaat over contractuele social return, niet over een SROI-ratio waarmee maatschappelijke baten in geld worden berekend. Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026.

Begin met de beslissing waarvoor je de evaluatie nodig hebt

‘Hoe ging het?’ levert gemakkelijk een algemeen gesprek op. Maak vooraf duidelijk waarover je wilt beslissen. Wil je bij een volgend project opnieuw een leerplek aanbieden? Een samenwerking met een sociale leverancier voortzetten? Of een workshop aanpassen omdat deelnemers er weinig aan hadden?

Kies vervolgens de vragen die voor die beslissing nodig zijn. Bij een leerplek gaat het bijvoorbeeld om passend werk, beschikbare begeleiding en de ontwikkeling van de deelnemer. Bij sociale inkoop kijk je naar de geleverde dienst, de samenwerking en wat je over de sociale bijdrage kunt onderbouwen. Je hoeft voor beide niet dezelfde vragenlijst te gebruiken.

Noteer de opdracht, de geëvalueerde activiteit, de uitvoeringsperiode en de peildatum van je evaluatie. Betrek ook activiteiten die niet zijn gestart of voortijdig zijn gestopt. Als je alleen geslaagde onderdelen bespreekt, mis je juist informatie waarmee je het volgende project beter kunt voorbereiden.

Neem de vastgestelde contractstand als vertrekpunt uit je SROI-rapportage. Staat een beoordeling nog open, vermeld dat. Je kunt de werkwijze al bespreken, maar een positief evaluatiegesprek vervangt geen formeel akkoord op de verantwoording. Bij een werkelijk tekort volg je daarnaast de aanpak voor een SROI-afspraak die niet haalbaar blijkt.

Houd uitvoering, verandering en contractwaarde uit elkaar

Een getal krijgt pas betekenis als duidelijk is wat je ermee telt. Tien deelnemers aan een training is een andere uitkomst dan tien deelnemers die een vaardigheid beheersen. En geen van beide is automatisch hetzelfde als tien mensen die dankzij de training werk hebben gevonden.

De PIANOo-handreiking Zicht op Sociale Impact onderscheidt ingezette middelen, activiteiten, directe resultaten en effecten. Voor impact gaat het bovendien om effecten die aan de betreffende aanpak kunnen worden toegeschreven. Gebruik dat onderscheid om je eigen conclusies precies te formuleren.

Waar kijk je naar? Voorbeeld bij een leertraject Wat kun je er nog niet uit afleiden?
Inzet en uitvoering De begeleider heeft de afgesproken instructiemomenten verzorgd; drie deelnemers hebben het traject afgerond. Dat iedereen de werkzaamheden zelfstandig beheerst.
Waargenomen verandering Bij een vergelijkbare begin- en eindopdracht kunnen twee deelnemers aan het einde meer handelingen zelfstandig uitvoeren. Dat uitsluitend dit traject die verandering heeft veroorzaakt of dat zij duurzaam aan het werk zijn.
Vervolg na het traject Op een vastgelegde latere datum is bekend welke deelnemers werken, doorleren of nog ondersteuning zoeken. Dat een onbekende uitkomst een mislukking is, of dat iedere vervolgstap aan jouw opdracht te danken is.
Geaccepteerde SROI-waarde De opdrachtgever heeft de opgevoerde inzet volgens de contractregels beoordeeld. Dat het bedrag een gemeten maatschappelijke opbrengst in euro’s is.

Een bouwblok is een waarderingsregel binnen de opdracht. PIANOo beschrijft dat overheden de waarden en aanvullende voorwaarden zelf bepalen. Deel geaccepteerde SROI-euro’s daarom niet door je kosten om een maatschappelijk rendement te presenteren. Voor zo’n uitspraak is een andere onderbouwing nodig.

Ook bij andere invullingsvormen telt deze precisie. Een workshop bijwonen is nog geen aantoonbaar verbeterde kans op werk. Een aankoop bij een sociale onderneming kan werk ondersteunen, maar de factuur bewijst niet hoeveel extra banen uitsluitend door jouw bestelling zijn ontstaan. Beschrijf wat je daadwerkelijk weet en welke informatie bij de partner berust.

Leg cijfers naast ervaringen van deelnemers en uitvoerders

Gebruik eerst wat al beschikbaar is: het oorspronkelijke doel, het programma of werkpakket, afspraken over begeleiding, de uitvoering en de relevante terugkoppelingen. Maak geen tweede registratie naast de bestaande administratie. Zoek vooral de informatie die verklaart waarom iets wel of niet werkte.

Bespreek de activiteit met de mensen die verschillende kanten hebben gezien. De projectleider kent de planning; de begeleider ziet de dagelijkse uitvoering; de deelnemer ervaart of uitleg en ondersteuning bruikbaar waren. Een partner kan vertellen of de activiteit aansloot op een vervolgtraject. Niet iedereen hoeft samen aan één tafel te zitten.

Vragen die een concreet gesprek opleveren zijn bijvoorbeeld:

  • Aan een deelnemer: welke taak lukt nu beter, waar had je meer uitleg nodig en wat hielp je daadwerkelijk verder?
  • Aan een begeleider: wanneer was de geplande begeleiding beschikbaar, wanneer niet en wat betekende dat voor het werk of leren?
  • Aan een partner: paste de activiteit bij de behoefte, welke overdracht ontbrak en welke vervolgstap is werkelijk geregeld?
  • Aan de projectleider: welke afspraken waren uitvoerbaar en welke aannames over capaciteit, kosten of planning bleken onjuist?

Maak het mogelijk om ook kritiek te geven, bijvoorbeeld in een afzonderlijk gesprek met een vertrouwd aanspreekpunt. Leg uit waarvoor je de reacties gebruikt en hoe je ze verwerkt. Neem niet zonder meer namen, medische informatie of persoonlijke omstandigheden op in een evaluatie die breed wordt gedeeld. De verdere beoordeling van gegevensgebruik staat bij privacy bij SROI-registratie.

Schrijf bij conclusies op wie je hebt gesproken en wie niet. ‘De deelnemers waren tevreden’ is te breed wanneer slechts twee van de acht deelnemers hebben gereageerd. Vermeld dan dat het gaat om twee reacties. Een ontbrekende reactie vul je niet in als tevredenheid of ontevredenheid.

Ontbreekt een beginmeting, dan kun je de huidige situatie en ervaren verandering beschrijven. Je kunt geen betrouwbare voor-en-na-vergelijking reconstrueren door achteraf te raden wat iemand eerst kon. Kies voor een volgende ronde een eenvoudige begin- en eindwaarneming die aansluit op het leerdoel, zodat je de relevante verandering wel kunt volgen.

Van bevinding naar verbeterbesluit

Bespreek per belangrijk onderdeel vier zaken: het beoogde resultaat, de waarneming, de mogelijke verklaring en het besluit. Houd een verklaring die nog niet is getoetst herkenbaar als vermoeden. ‘Twee bijeenkomsten vielen uit’ kan een vastgesteld feit zijn; ‘daardoor stopte de deelnemer’ vraagt nadere onderbouwing.

Zoek bij een tegenvaller naar de omstandigheden waarin je kunt verbeteren. Was de taak duidelijk? Was de begeleiding er op het afgesproken moment? Kwam de informatie van de partner tijdig? De constatering dat een deelnemer ‘niet paste’ helpt weinig als het werkpakket en de benodigde ondersteuning vooraf nauwelijks waren besproken.

Movisie maakt bij effectonderzoek onderscheid tussen ervaren resultaten, waargenomen verandering en onderzoek naar causale effecten. Een combinatie van cijfers en gesprekken kan je aanpak helpen verbeteren, maar bewijst op zichzelf niet dat jouw activiteit de oorzaak van alle waargenomen veranderingen is. Bespreek ook andere mogelijke invloeden, zoals een opleiding of ondersteuning die de deelnemer tegelijk ontving.

Neem de uitvoerbaarheid voor je eigen organisatie mee. Hoeveel begeleidingscapaciteit was werkelijk nodig? Welke kosten waren eenmalig en welke keren terug? Een aanpak kan deelnemers helpen en toch aanpassing vragen omdat één begeleider structureel overbelast raakt. Zoek dan naar een andere inrichting of omvang, zonder een goede uitkomst voor deelnemers weg te strepen.

Deze manier van leren past bij de Groeituin Social Return van Rijkswaterstaat, zoals beschreven door PIANOo: naast rapportages staat het gesprek over passend werk, begeleiding en ontwikkeling centraal. De werkwijze in deze gids biedt daarvoor een eigen praktische invulling; het is geen verplicht evaluatieformat van Rijkswaterstaat of van andere opdrachtgevers.

Fictief voorbeeld: drie afrondingen vertellen niet het hele verhaal

Alle aantallen en afspraken in dit voorbeeld zijn fictief. Een technisch dienstverlener organiseert met een partner een leertraject van acht weken voor vier deelnemers. Het doel is dat deelnemers materialen leren herkennen en volgens een werkinstructie een eenvoudige bestelling klaarzetten. Er zijn twee begeleidingsmomenten per week gepland. De toegestane inzet is voor SROI verantwoord; de evaluatie gaat over de kwaliteit van het traject.

Drie deelnemers ronden de acht weken af. Eén deelnemer stopt in week drie. Bij de eindopdracht voeren twee van de drie deelnemers het afgesproken werk zelfstandig uit; de derde heeft nog hulp nodig. Er is geen vergelijkbare beginopdracht afgenomen. Het bedrijf kan dus beschrijven wat bij de eindopdracht is waargenomen, maar niet hoeveel iedere deelnemer tijdens het traject vooruit is gegaan.

Bevinding Beoordeling Besluit voor de volgende ronde
Drie van vier deelnemers ronden het traject af. Twee van die drie voeren de eindopdracht zelfstandig uit. Afronding en zelfstandige uitvoering zijn verschillende uitkomsten. De beginsituatie is onvoldoende vastgelegd. De praktijkbegeleider legt bij de start vast welke handelingen iemand al kan, met dezelfde beoordelingspunten als bij de eindopdracht.
In twee weken gaat één begeleidingsmoment niet door wegens afwezigheid. Er is geen vervanger. De afgesproken begeleiding is niet volledig geleverd. Het effect daarvan op de uitkomsten is niet afzonderlijk vastgesteld. De leidinggevende regelt vóór een nieuwe start een vervanger en reserveert de benodigde uren.
De gestopte deelnemer meldt dat de begintijd niet haalbaar was. Die begintijd was vooraf onvoldoende besproken. Dit is een concrete ervaring om de voorbereiding te verbeteren; geen bewijs over alle mogelijke oorzaken van het stoppen. De partner en projectleider bespreken tijden en bereikbaarheid bij de intake en zoeken bij een knelpunt vooraf naar een passende oplossing.
Van de drie deelnemers die afronden, starten er later twee met een vervolgopleiding. Van de derde is het vervolg op de peildatum onbekend. Twee vervolgstappen zijn bekend. Een arbeidsmarkteffect voor alle deelnemers is niet vastgesteld. De partner en het bedrijf spreken voor een volgende ronde af of en hoe een passende terugkoppeling over vervolg mogelijk is.

De evaluatie leidt tot een voorwaardelijk besluit: het bedrijf wil opnieuw een traject aanbieden, zodra begeleiding en intake beter zijn geregeld. Het kopieert niet alleen de zin ‘drie geslaagde deelnemers’ naar een volgende aanbieding. Het beschrijft welke onderdelen bruikbaar waren, waar de informatie tekortschiet en welke voorbereiding eerst moet verbeteren.

Maak het evaluatieverslag kort genoeg om te gebruiken

Een werkbaar verslag bevat de evaluatievraag, de belangrijkste bevindingen, de beperkingen van je informatie en de besluiten. Koppel ieder besluit aan iemand die het kan uitvoeren, een moment waarop het nodig is en een controle waarmee je later ziet of het heeft geholpen.

Besluitregel voor je evaluatie

Voor [volgende activiteit of opdracht] behouden of wijzigen we [onderdeel], omdat [waarneming en onderbouwing]. Onzeker blijft [open vraag]. [Verantwoordelijke] regelt [concrete actie] vóór [datum of startmoment]. Bij [volgende controlemoment] beoordelen we aan de hand van [waarneming of afspraak] of de aanpassing werkt.

In het fictieve leertraject kan dat betekenen: ‘De leidinggevende wijst vóór de volgende start een vervangend begeleider aan en reserveert diens uren. Na de eerste twee weken controleert de projectleider of alle afgesproken begeleidingsmomenten zijn doorgegaan.’ Dat is uitvoerbaarder dan ‘we moeten de begeleiding verbeteren’.

Verwerk de besluiten waar ze worden gebruikt: in de intake, het rooster, de afspraken met de partner of het plan van aanpak voor een volgende opdracht. Beoordeel bij die volgende opdracht opnieuw welke inzet mag meetellen. Een positieve evaluatie geeft geen automatische SROI-goedkeuring voor een ander contract.

Deel met de opdrachtgever de relevante lessen en spreek af wie resterende acties opvolgt. Deel met deelnemers en partners ook wat je met hun terugkoppeling doet. Blijft een vervolguitkomst nog onbekend, noteer dan of een latere terugblik zinvol en passend is. De datum waarop het contract eindigt, hoeft niet hetzelfde moment te zijn waarop je alle ontwikkeling kunt beoordelen.

Veelgestelde vragen

Is een evaluatie hetzelfde als de SROI-eindrapportage?

Nee. De eindrapportage verantwoordt de inzet volgens de afspraken met de opdrachtgever. De evaluatie gebruikt die informatie om te beoordelen hoe de aanpak werkte en wat je wilt verbeteren. Een positief evaluatiegesprek vervangt geen formele beoordeling van de rapportage of besluit over openstaande verplichtingen.

Kun je evalueren zonder beginmeting?

Ja. Je kunt de uitgevoerde activiteit, de huidige situatie en de ervaringen van betrokkenen beoordelen. Maak wel duidelijk dat een vergelijkbare beginsituatie ontbreekt. Daardoor kun je geen nauwkeurige voor-en-na-verandering vaststellen. Kies voor een volgende ronde vooraf welke eenvoudige waarneming bij het doel past.

Is volledig voldoen aan SROI ook bewijs van maatschappelijke impact?

Volledig voldoen toont aan dat de inzet volgens de toepasselijke afspraken is beoordeeld. Het bewijst niet automatisch welke verandering deelnemers hebben doorgemaakt of welk deel daarvan door jouw activiteit is veroorzaakt. Onderbouw zulke uitspraken afzonderlijk en presenteer een toegekende contractwaarde niet als gemeten maatschappelijke opbrengst.

Wanneer plan je de evaluatie?

Volg eventuele contractafspraken en plan een terugblik terwijl de ervaringen nog beschikbaar zijn. Je kunt de aanpak bespreken voordat alle formele beoordelingen zijn afgerond, zolang je open punten vermeldt. Sommige vervolguitkomsten worden pas later zichtbaar; spreek alleen een later meetmoment af als dat zinvol is en de gegevensverwerking passend is geregeld.

Bronnen en controle

Inhoud gecontroleerd op 20 oktober 2026 aan de hand van onderstaande bronnen. Regels en informatie kunnen veranderen.

Bekijk de bronnen (7)